Arjan Dwarshuis vertelt over zijn passie voor birdwatching

Wanneer ik als baby aan het huilen was, zette mijn moeder me in de kinderwagen en nam ze me mee naar de Nieuwe Scheveningse Bosjes. Zodra we het bos inliepen werd ik stil en staarde met grote ogen naar het bladerdak. Toen al was ik gefascineerd door de natuur. Volgens mijn moeder ontstond mijn obsessie voor vogels niet veel later, toen ik mijn eerste woordjes begon te brabbelen. Ik noemde mijn zwart-witte knuffel Pica pica. Pas veel later kwam ik erachter dat dit de Latijnse naam was voor Ekster. Op school tekende ik vogels, terwijl mijn klasgenootjes politieauto’s en kastelen tekenden en tijdens vakanties naar Zuid-Afrika was ik meer geïnteresseerd in bijeneters en neushoornvogels, dan in olifanten en leeuwen.

Toen ik leerde lezen kreeg ik van mijn ouders mijn eerste vogelboekje en met behulp van de oude legerverrekijker van mijn overgrootvader leerde ik de vogels in onze achtertuin herkennen. Vol bewondering keek ik naar de vogels die afkwamen op de vetbollen en door mij zelf geregen pindakettingen. Plotseling waren er kool- en pimpelmezen, zanglijsters en grote bonte spechten en af en toe zelfs een sperwer die de andere vogels de stuipen op het lijf joeg. Dat is het mooie van vogels, je hoeft helemaal niet ver te reizen om ze waar te nemen. Vogels zijn er overal en altijd, dag en nacht. Zonder vogels zou onze wereld maar een stille bedoeling zijn.

De sperwer

Tijdens mijn middelbareschooltijd werd ik steeds fanatieker en ieder vrij moment fietste ik met mijn kijker om mijn nek de duinen in. Als brugger was ik hierdoor een beetje paria en werd ik op het schoolplein zelfs gepest, maar dat kon me weinig schelen, want ondertussen leerde ik graspiepers, rietgorzen en goudvinken binnen een fractie van een seconde herkennen aan hun roep.  

Op vijftienjarige leeftijd sloeg ik voor het eerst écht mijn vleugels uit. Ik liftte twee weken met een vogelvriend door Turkije, niet om te feesten bij Alanya, maar om op 4000 meter hoogte op zoek te gaan naar het mythische Kaspisch berghoen. Ik kreeg de smaak te pakken en voordat ik ging studeren reisde ik een paar maanden door Zuid-Amerika, waar ik voor het eerst kolibries en toekans zag en oog-in-oog stond met een jaguar.

Dit alles resulteerde in het avontuur van mijn leven, mijn Biggest Year: in 2016 reisde ik door 40 landen en zag ik in een jaar tijd 6852 verschillende vogelsoorten, een wereldrecord. Ik schreef er het boek Een Bevlogen Jaar over en haalde bijna vijftigduizend euro op voor BirdLife International, de grootste vogelbeschermingsorganisatie ter wereld.  

Inmiddels is mijn hobby mijn werk geworden. Als vogelgids neem ik bijna dagelijks mensen mee de duinen in. Ik geef lezingen, schrijf boeken en als ambassadeur van het landaankoopfonds van IUCN NL zet ik mij in voor de bescherming van vogels wereldwijd. Kortom: vogels kijken is mijn leven.

De komende maanden schrijf ik voor Vivara over mijn vogelkijkavonturen. Ik neem je mee op ontdekkingsreis door onze moerassen, bossen, duinen en weilanden en ik leg stap voor stap uit hoe je zelf een vogelaar kan worden. En uiteraard laat ik zien hoe je met de producten van Vivara je tuin vogelvriendelijker kan maken en hoe je de vogels een handje kan helpen om de winter door te komen.

Happy birding!   

Arjan

 

Wilt u op de hoogte blijven van alle blogs en vlogs van Arjan? Schrijf u dan in voor de nieuwsbrief, of volg ons op Facebook!


Arjan Dwarshuis - Een bevlogen jaar